Over ons
Hoe het begon
Brooklyn, New York, 2005. Het was een ijskoude dag, vlak voor kerst, toen ik vanuit het appartement vertrok om een kadootje voor mijn toekomstige kleine neefje of nichtje te kopen. Ik nam de omgeving goed in me op want het was een van de laaste keren dat ik in de R-train over de Brooklyn Bridge reed. Na de jaarwisseling zou ik weer terugkeren naar Nederland. Ik zat me te bedenken wat ik zou gaan kopen en kwam al snel uit bij kleding. ‘Een schattig pakje’, zou mijn moeder zeggen. Bij de eerstvolgende halte kwam een grote man met zijn zoontje van een jaar of twee de metro binnenstappen en ze gingen tegenover me zitten. De grote man had een oversized hip-hop shirt aan en het kindje had precies hetzelfde, doch een kleine versie shirt aan. ‘Dat vind ik nou triest’, dacht ik. ‘Dat kind heeft geen keus en loopt erbij als een mini-hiphopper omdat zijn vader daarvan houdt’. Ik dacht direct terug aan Nederland waar mensen elkaar Ajax shirts gaven of kleine ‘Feyenoord’ traningspakjes. ‘Dat zou ik dus nooit doen’, dacht ik terwijl ik bij Union Square de metro uitstapte. Ik wil iets origineels en op Broadway kan ik dat vast wel vinden. 'Kan ik u helpen meneer', vroeg het winkelmeisje? 'Ja', zei ik trots. Ik krijg binnenkort een neefje of nichtje en ik wil iets moois kopen. 'Wat zoekt u precies?' Een pakje? Mijn gedachten dwaalden al weer af. Begint ze óók al over een pakje. Als ik zelf een mooi shirt koop krijg ik er toch ook geen broek bij? 'Nee geen pakje' antwoordt ik beleefd. Doe maar een stoer shirtje ofzo. Ze liep direct naar een rek en trok er een miniscuul poloshirtje uit. Deze kost 80 dollar', zei ze vriendelijk. Ik keek naar het stukje stof dat niet groter was dan mijn handschoen. 'Er zit een weeffout in' merkte ik op. 'Dat is geen weeffout, dat is een krokodilletje', zei ze terwijl ze lichtelijk geïrriteerd het shirt weer terug hing. Ze trok vervolgens een donkerblauw truitje uit de kast met een geruiten kraagje uit het rek en liet het vol trots aan me zien. 'Is dit misschien wat?'. Soms zegt lichaamstaal genoeg, zoals ook toen. Ik zette mijn 'ik heb een hele citroen opgegeten' gezicht op. 'Laat maar', zei ik, en liep weer de straat op. Niet getreurd. Broadway is lang en ik heb nog de hele middag. Na de zoveelste winkel en het zoveelste winkelmeisje kreeg ik een donkergrijs shirt in mijn handen gedrukt, met in hele grote gouden letters de merknaam op de borst. 'Wat vind je er zelf van?' vroeg ik haar. 'Stoer', zei ze. En opeens snapte ik het! Natuurlijk vond zij het stoer. Het was gewoon kleding voor volwassenen maar dan in een baby-versie. Daar ligt het probleem. De tocht eindigde in een deceptie. Ik heb uiteidenlijk terug in Brooklyn een of ander blauw rompertje met I♥NY en een shirt met FBI gekocht. Nou maar hopen dat het een jongetje werd. Trouwens, het is echt waar! Er komt écht rook uit de putten in New York. Nou ja, soms ... Terug in Nederland
Het werd een jongetje! Daan! Ik was inmiddels weer in Nederland en werkte voor een financieel dienstverlener in het centrum van Amsterdam. In de pauze liep ik even naar het kleine kadowinkeltje op de hoek. Vrijwel direct viel mijn oog op babyshirtjes die achter de toonbank aan de muur hingen. Ze zagen er erg flitsend uit en en stonden teksten op als: 'I like milk'. 'Dan heb je mazzel', dacht ik. 'Want melk is het enige dat je krijgt als je dat shirt past'. Maar het hield me bezig. Het was donderdag en dan ga ik altijd eten bij mijn maat Richard. Ik ken hem al lang en als straatschoffies van 8 jaar hadden we samen ons eerste bedrijfje. Maandbandjes. In die tijd waren er namelijk nog geen cd's maar was het casettebandje de belangrijkste geluidsdrager. Op een maandbandje stonden alle hits van de betreffende maand. Voor 10 piek kochten we deze onder de toonbank. Daarna renden we naar de drogisterij om lege casettebandjes te kopen voor een knaak per stuk. Terwijl de cassetterecorder de 'mastertape' verveelvoudigde gingen wij langs de deuren in het dorp. 'Voor maar 7 gulden 50 heeft u alle nieuwste muziek in huis!', riepen we dan. Wie wil dat nu niet? Weet u hoeveel 20 singeltjes kosten? Niet te betalen tegenwoordig! Of het nu de ontwapenende overtuigingskracht van twee knaapjes van 8 was, of gewoon een goede deal. De bandjes vonden gretig aftrek! Maar goed, ik weid uit. 'Kleren maken niet de man, maar de man maakt kleren'
Diezelfde avond heb ik mijn bevindingen met Richard overlegd en een paar Belgische biertjes later schudden we elkaar de hand. 'Babywear' it is! Hoe en wat, daar zouden we onze donderdagavonden in het vervolg aan gaan besteden. Het idee van teksten op shirts schoven we al snel aan de kant. Ik weet nog goed hoe we de eerste donderdagavond met een kladblok woorden zaten te verzinnen. Hoe meer bier we dronken, des te platter werden de teksten. Diezelfde avond kwamen we erachter dat dit niets zou worden. Er waren destijds trouwens ook al een paar andere bedrijven die soortgelijke kleding verkochten. Dingen als 'ik heb de liefste mama van de hele wereld' en woorden als 'lief', was eigenlijk precies hetgeen wat we niet wilden. Het werd allemaal verkocht omdat de ouders dat zelf leuk vonden! Waarom tekst op een shirt? Een kind kan niet eens lezen! 'Denk als een kind',zei ik tegen Ries. Stel dat het kind zelf zou gaan winkelen. Wat voor kledingstuk zou hij of zij dan pakken. En zo kwamen we steeds dichter bij de oplossing. THINK KID! werd ons credo. Gramaticaal een twijfelgeval, but who cares. Iedereen begrijpt het. Aangezien mijn bijnaam al sinds mijn kindertijd ''Chucky' was kwamen we al snel op de naam Chuckyshirt. Speels, vrolijk, ondeugend en eigenwijs. We kochten dozenvol met allerlei merken shirts en stuk voor stuk bekeken we de kenmerken en bespraken ze met kenners. De ene week stonden we stoffen in de brand te steken om vervolgens de andere week shirts véél te heet wassen. Mijn moeders wasmachine draaide overuren en vervolgens stonden we de shirts te bestuderen en op te meten. Langzamerhand kregen we steeds meer verstand van stoffen en patronen en in onze hoofden vormden we het ultieme Chuckyshirt. 'Think Kid'
We hadden inmiddels ook de hulp ingeroepen van onze vriend Erik. Hij was de enige die onze gedachten kon illustreren op een 'Think Kid' manier. Dagenlang zaten we te brainstormen over wat een kind leuk zou kunnen vinden. Dieren, auto's, treinen en andere kinderachtige dingen werden beoordeeld en we discussieerden tot in het holst van de nacht. Om als een kind te denken was aan ons trouwens wel besteed. Sterker nog, het was een verademing! Vier jaar geleden was ik afgestudeerd voor mijn studie economie aan de VU en was daarna in de financiële wereld terecht gekomen. Maar nu zaten we te bekokstoven of we de 'koe' zouden toelaten in onze denkbeeldige 'Chuckyshirt wereld!' Een leuke afwisseling op optieconstructies, beleggingshypotheken en lijfrentes. Iedereen wilde vroeger toch brandweerman worden? Een dagje naar de dierentuin was toch onbetaalbaar? En stonden we niet allemaal uren voor de etalage om naar die prachtige glimmende driewieler te kijken? Erik vertaalde al onze gedachten en steeds dichter kwamen we bij ons einddoel! Mijn neefje Daan van inmiddels twee jaar oud werd gebombardeerd tot levende paspop. Regelmatig kwamen we weer binnen om het joch weer eens een shirt aan te trekken om te kijken of de pasvorm goed was. Waar veel andere kledingmerken de ouders als doelgroep hadden, zochten wij het bij de kids zelf. Zij moesten de kleren dragen. Kinderen zijn eerlijke gasten. Die gaan niet af op het feit dat er een klein 'polospelertje' op het shirt zit of een of andere merknaam denken te herkennen. 'Hang vijf verschillende shirts naast elkaar en kijk waar hij naar wijst of naar toe loopt. Dat is de mooiste! Simple as that! Het eind van het begin...
En dan komt het moment dat het af is. Chuckyshirt is een feit! De 'hobby' is behoorlijk uit de hand gelopen maar we hadden het voor geen goud willen missen. We zijn erg trots op het resultaat en na neefje Daan als trendsetter zijn er al velen gevolgd. Laatst vertelde mijn zus dat ze een nieuwe trui voor Daan had gekocht. Het was geen Chuckyshirt. Toen ze op een ochtend de trui bij hem wilde aantrekken stribbelde hij tegen en schreeuwde 'blantlouto!'. Toen ze hem vroeg wat hij bedoelde rende hij naar de kledingkast en trok het blauwe Chuckyshirt met de brandweerauto tussen de stapels andere shirts uit de kast. 'Die!', zei Daan met zijn ondeugende glimlach…… Chuck

